Honderd keer pop in je moerstaal (61)

Dit jaar schrijf ik een geschiedenis van de Nederlandstalige popmuziek in honderd chronologische stukjes, steeds geconcentreerd rondom één nummer. Vandaag deel 61.

Voor wie nog niet helemaal bekomen is van de Raggende Manne en hun negatieve energie, heb ik goed nieuws: vandaag behandelen we een echt liefdesliedje met een gemeende, teder gebrachte liefdesverklaring. Dit stukje gaat over “Afscheid” van Volumia!
  In aflevering 58 schreef ik al dat de glorietijd van de Nederlandstalige pop/rock in 1998 gewoon lekker doorging. De opkomst van Volumia! geeft al aan dat daar geen woord aan gelogen is. Deze band bestond al sinds 1992 en werd opgericht in het Heerlense studentenmilieu. Pas eind 1997 brak de band een beetje door, met de single “Het is over”. Wie de blikvanger en de grote kracht achter het succes was, werd al snel duidelijk: zanger Xander de Buisonjé, een hartenbreker eerste klas. Een soort Koen Wauters, kun je ook zeggen: Volumia! is overduidelijk op de leest van Clouseau geschoeid.
  1998 werd beslist het annus mirabilis voor de band. De band maakte een tienerpubliek helemaal gek, en het naamloze debuutalbum schoot de hoogte in. Net als de twee singles van dat jaar. Het bekendste werd “Hou me vast”; een nummer dat we destijds erg vaak gehoord hebben en met regels als “Niemand weet waarom de dag weer nacht wordt” anno 2017 best belachelijk klinkt. (Najib Amhali: “Hallo, de aarde draait. Dat weten wij hier allemaal!”) “Afscheid” werd bijna net zo’n grote hit, en dit nummer heeft wat mij betreft de tand des tijds beter doorstaan:

Meteen wordt duidelijk dat mooie jongen Xander echt wel iets kan. Voordat de single uitkwam, had hij het nummer al jarenlang op de plank liggen. Hij had het in zijn studententijd geschreven voor zijn vriendin, die tegen zijn zin op hotelstage ging. Het nummer is dus te vergelijken met “Het is een nacht” (aflevering 56): een lied uit studentenkringen over een echte gebeurtenis uit het leven van de zanger-schrijver. Alleen trekt hier zijn arrangeur een heel blik violen open, wat bij Guus Meeuwis niet het geval is.
  Dit type zangers werd in het verleden geleerd zo mooi, zo zoetvloeiend mogelijk te zingen. Crooners werden ze genoemd. We denken dan aan Frank Sinatra, maar ook aan tieneridolen als Frankie Avalon en Rob de Nijs (aflevering 4). De Buisonjé zingt natuurlijk, meer als een singer-songwriter. Hij heeft een pure stem (geen schuurpapier), maar legt er genoeg directe emotie in.

     Zeg dat je niet hoeft te gaan, schat,
     dat je aan mij echt genoeg had.
     Zeg dat je niet hoeft te gaan schat –
     ga schat, want je moet, ik weet je moet…

Zijn regels werken mee aan het “eerlijke” karakter. Zo bevat de regel “Zeg dat je niet hoeft te gaan, schat” niet minder dan drie g- of ch-klanken. Normaal zou je zo’n regel, zeker in het refrein, afraden als je een romantische knaller wilt neerzetten. Die klanken zijn nu eenmaal niet welluidend. Maar Xander de Buisonjé maakt er een diepe emotionele oproep van, waar de wanhoop in doorklinkt. Het is bijna of je Art Zaaijer, zanger van De Div (aflevering 34), hoort zeggen: “Dat zogenaamd lelijke aan het Nederlands, dat moet je juist gebruiken.” Totaal andere muziek, maar het zelfde principe bij twee muzikanten die dezelfde taal gebruiken.
  En het werkt. Onder het YouTube-filmpje staat een reactie van iemand die de tekst niet verstaat: “Go Dutch Go ..zeg dat je hoeft niet te gaan schat.” Zo is het maar net. Niemand ter wereld zou zich voor zijn moedertaal moeten schamen, ook wij niet.

Volumia! staat sinds zijn doorbraak bekend als een bijzonder kleffe band. Dat heeft natuurlijk veel te maken met Xander zelf (die Nederlands nationale pispaal werd nadat de roem hem naar het hoofd was gestegen en hij Wendy van Dijk bedroog), maar ook met hun werk. Net als bij Clouseau zijn hun hits wel meer van hetzelfde: het is meisjes voor en meisjes na, en altijd in een vergelijkbare sfeer.
  Bovendien doen veel nummers een stuk slijmeriger aan dan “Afscheid”. Dan ga je toch echt wel de kant van de oude crooners op. Blijkbaar is onze smaak met ballads tussen 1950 en 1990 behoorlijk veranderd. We accepteren ze wel, maar er moet soul in zitten. Dat constateerden we al in het stukje over “Blijf bij mij” (aflevering 51). Ruth Jacott en Paul de Leeuw leggen daarin maar een klein beetje soul, maar ze doen het wel. In Volumia! zit geen soul: Xander de Buisonjé zingt op een erg ‘blanke’ manier, rechttoe rechtaan. Hoe zouden zijn songs dan met soul klinken?
  Het antwoordt biedt Glennis Grace.

Glennis Grace is soulzangeres. Misschien heeft haar gedeeltelijk Caribische afkomst een rol in die keuze gespeeld, maar Glennis groeide op in de Jordaan en leerde de soul gewoon uit de hitparade kennen. Ze wilde als kind net zo goed worden als Whitney Houston. Welk meisje wilde dat in 1988 niet?
  Je kleurtje of afkomst bepaalt nog heel vaak wat voor muziek je gaat maken. Maar getalenteerde musici denken niet in hokjes, en zeker niet in muurtjes. Die herkennen goede muziek in alle genres. Zo ook Glennis Grace, die in de roomblanke muziek van Volumia! potentieel hoorde voor een souluitvoering. Zelfs met een ongewijzigde begeleiding weet ze dit nummer compleet naar haar eigen stijl om te buigen.

Welke versie er beter is? Kwestie van smaak. Maar als je met open oren luistert, moet je toch van beide diep onder de indruk raken.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *